Wat kan je verwachten?Gratis ebooksTuinideeën Tuintips Tuinvoordeeltjes Etc |
Schijnbeuk
Nothofagus antarctica (bot.)
Fagaceae – beukenfamilie
De schijnbeuk valt op door zijn
onregelmatige groeiwijze en de sierlijk krullende bladeren. Hij is het
hele jaar door attractief met zijn geurende bladeren in de lente, de
glanzend groene bladeren in de zomer, de gele herfstkleur in het najaar
en de bizarre structuur van de takken in de winter. Hij is verwant aan
de rode beuk, maar in Nederland zelden te vinden. Het is een kleine
boom die hooguit 8 m hoog wordt en vaak meerstammig groeit.
De onderste takken liggen soms op de grond. De takken staan als
visgraten in regelmatige afstanden van de hoofdtak af.
Herkomst
De schijnbeuk is inheems in Patagonië, Chili,
Argentinië, Australië, Nieuw Zeeland en Guinea. Hij
groeit daar in oerwoudachtige bossen.
Naamgeving
Nothofagus komt uit het Grieks en betekent valse beuk.
Plantkenmerken
Schijnbeuk is een bladverliezende kleine boom met een ovale, open kroon
die veel licht doorlaat. Bij ons wordt hij niet hoger dan 8 m, terwijl
hij in zijn thuisland 35 m kan bereiken. De kleine bladeren zijn
eirond, heldergroen en hebben krullende randen. Zij verspreiden tijdens
het uitlopen een zoete, kruidige geur. De herfstkleur is goudgeel.
De bloemen zijn eenhuizig, eenslachtig, groengeel en verschijnen in
mei. De vruchten zijn onopvallend en lijken op beukennootjes.
Schors en takken zijn bruin. De jonge takken zijn, net als die van de
beuk, voorzien van opvallende lenticellen (schorsporieën ).
Het is een snelle groeier.
Soorten
Er bestaan ca. 35 verschillende schijnbeuksoorten in de verschillende
delen van de wereld.
| Nothofagus antarctica is als struik te koop, en wordt ook als boom in zuilvorm opgekweekt. | ![]() |
| Nothofagus nervosa, afkomstig uit het Andesgebergte, kan 25 m hoog worden, maar bereikt deze hoogte bij ons niet. Doordat de hoofdtakken later gaan afhangen, ontstaat een bolronde kroonvorm. Het sterk generfde blad is fijn gezaagd en lijkt op dat van de haagbeuk (Carpinus betulus). De herfstkleur is goudgeel. | ![]() |
| Nothofagus obliqua wordt in zijn land van herkomst 30 m hoog en is daar een belangrijke houtleverancier. Het roodachtige hout lijkt op eikenhout en is geschikt om er meubels van te maken. De eironde glanzende bladeren zijn aan de onderzijde blauwgroen en verkleuren in de herfst rood en geel. De bladrand is getand. | ![]() |
| Nothofagus betuloides is een groenblijvende soort. | ![]() |
Standplaats
Een beschutte plaats is belangrijk voor alle schijnbeuk-soorten, want
zij zijn gevoelig voor ruk-en valwinden. Er breken gauw takdelen af.
Schijnbeuk staat het mooist als solitair in de zon of halfschaduw. Hij
houdt niet van een kalkrijke bodem, maar groeit het liefst op
vochthoudende humusrijke grond.